Iemand die ik ken is overleden. Ook zullen best veel van jullie weten over wie ik het heb, toch voelt het niet helemaal juist om zijn naam hier te noemen.
Het is best raar. Ook al is dit niet mijn eerste confrontatie met de dood, toch voelde het nooit zo dichtbij. Zijn profielfoto op de site van mijn vereniging is een foto die ik genomen heb. Deze foto staat nog steeds op mijn digitale camera. Ik had deze foto nog niet van mijn camera verwijderd, te recent.
Hij heeft eind vorige week een ongeval gehad en is niet lang geleden overleden. Wat ik ervan begrijp, heeft hij in die tussentijd geen moment gehad om zich te realiseren wat er aan de hand was en over alles rustig na te kunnen denken. Ik ben absoluut niet spiritueel aangelegd, maar toch dacht ik even: 'een dood als deze, daar kan toch geen punt achter zitten?'
woensdag 7 oktober 2009
zaterdag 3 oktober 2009
Winkelen
Ik ben niet zo heel goed in winkelen. Ik vind het best leuk, hoor, al die nieuwe spullen, maar ik heb er gewoon het geduld niet voor om alles te gaan bekijken en te overwegen of ik het wil kopen. Gelukkig is dat ook aan te leren en ik best aardig in winkelen op het moment dat ik er heel bewust de tijd voor neem.
Zo ben ik ook vandaag even de stad ingegaan om wat overhemden, een nieuwe winterjas en wellicht een nieuw pak te kopen. Ik liep in mijn dagelijkse kloffie, dus ik zag er niet echt uit als een persoon die om goede kleding geeft. Dat neemt niet weg dat ik me juist had voorgenomen om tijdens het winkelen juist wel een goede smaak te ontwikkelen. Je moet maar zo denken: je hoeft maar een paar uurtjes goede smaak te hebben om er in ieder geval de komende paar maanden qua kleding weer goed uit te zien.
Nadeel van mijn matige kleding tijdens het winkelen is wel dat je in alle chique winkels direct wordt aangesproken met 'Kan ik u helpen?' Nu is dat ook wel heel erg eigen aan chique winkels. In de Thom Broekman probeerde een wat oudere verkoopster zich zelfs in een moederrol te duwen door mij de hele tijd te vertellen welke jassen en pakken mooi waren. Ik ergerde me direct dood aan haar. Maar in haar bijzijn vond ik wel een heel mooie winterjas met een redelijke prijs. Ik had binnen een minuut besloten dat ik de jas wel wilde kopen. Ik gunde haar echter niet het genoegen dus ik verzon allerlei dingen die mij niet aanstonden aan de jas. Omdat ik niet wilde dat ze mij zonder al te veel moeite een jas aansmeerde, zijn we ook nog langs de pakken gelopen. Haar houding werd niet veel beter: nog steeds was ze nauwelijks geïnteresseerd in wat ik eigenlijk zocht en vertelde ze vooral wat zij mooi vond. Al na 5 minuten vond ik het wel welletjes en besloot ik toch maar de jas te kopen. De verkoopster was in haar nopjes. Het voelde als een nederlaag. (Terwijl ik toch écht zélf had besloten dat het een goede koop was.) Om er een korting bij te verzilveren moest ik mijn naam en adres opgeven. Om toch nog met een beetje een goed gevoel de winkel te verlaten heb ik de naam van ene Peter-Jan de Visser opgegeven, die woont op een naar alle waarschijnlijkheid niet-bestaand adres in Utrecht. Zo had ik ook nog een kleine zege op de vervelende verkoopster geboekt.
De jas heb ik dus wel gewoon gekocht, want ik vond het gewoon een goede deal. Toch jammer dat de verkoopster je er een beetje wrang gevoel aan laat overhouden. Dat kan ook anders. Ik liep bijvoorbeeld de 'Sissy Boy' in en ook al was de kleding helemaal niks, ik ben toch 5 minuten gebleven, enkel en alleen om het feit dat KT Tunstall opstond met 'The Beauty Of Uncertainty'.
En toen ik een half uur later in de Suit Supply in de kleedkamer zat, keek ik even op naar het hangertje en daar zag ik het pak hangen. Ik vond het een prachtig stuk werk en ik werd helemaal blij van de gedachte dat ik het straks mee naar huis mocht nemen. Misschien word ik langzaam beter in winkelen.
Zo ben ik ook vandaag even de stad ingegaan om wat overhemden, een nieuwe winterjas en wellicht een nieuw pak te kopen. Ik liep in mijn dagelijkse kloffie, dus ik zag er niet echt uit als een persoon die om goede kleding geeft. Dat neemt niet weg dat ik me juist had voorgenomen om tijdens het winkelen juist wel een goede smaak te ontwikkelen. Je moet maar zo denken: je hoeft maar een paar uurtjes goede smaak te hebben om er in ieder geval de komende paar maanden qua kleding weer goed uit te zien.
Nadeel van mijn matige kleding tijdens het winkelen is wel dat je in alle chique winkels direct wordt aangesproken met 'Kan ik u helpen?' Nu is dat ook wel heel erg eigen aan chique winkels. In de Thom Broekman probeerde een wat oudere verkoopster zich zelfs in een moederrol te duwen door mij de hele tijd te vertellen welke jassen en pakken mooi waren. Ik ergerde me direct dood aan haar. Maar in haar bijzijn vond ik wel een heel mooie winterjas met een redelijke prijs. Ik had binnen een minuut besloten dat ik de jas wel wilde kopen. Ik gunde haar echter niet het genoegen dus ik verzon allerlei dingen die mij niet aanstonden aan de jas. Omdat ik niet wilde dat ze mij zonder al te veel moeite een jas aansmeerde, zijn we ook nog langs de pakken gelopen. Haar houding werd niet veel beter: nog steeds was ze nauwelijks geïnteresseerd in wat ik eigenlijk zocht en vertelde ze vooral wat zij mooi vond. Al na 5 minuten vond ik het wel welletjes en besloot ik toch maar de jas te kopen. De verkoopster was in haar nopjes. Het voelde als een nederlaag. (Terwijl ik toch écht zélf had besloten dat het een goede koop was.) Om er een korting bij te verzilveren moest ik mijn naam en adres opgeven. Om toch nog met een beetje een goed gevoel de winkel te verlaten heb ik de naam van ene Peter-Jan de Visser opgegeven, die woont op een naar alle waarschijnlijkheid niet-bestaand adres in Utrecht. Zo had ik ook nog een kleine zege op de vervelende verkoopster geboekt.
De jas heb ik dus wel gewoon gekocht, want ik vond het gewoon een goede deal. Toch jammer dat de verkoopster je er een beetje wrang gevoel aan laat overhouden. Dat kan ook anders. Ik liep bijvoorbeeld de 'Sissy Boy' in en ook al was de kleding helemaal niks, ik ben toch 5 minuten gebleven, enkel en alleen om het feit dat KT Tunstall opstond met 'The Beauty Of Uncertainty'.
En toen ik een half uur later in de Suit Supply in de kleedkamer zat, keek ik even op naar het hangertje en daar zag ik het pak hangen. Ik vond het een prachtig stuk werk en ik werd helemaal blij van de gedachte dat ik het straks mee naar huis mocht nemen. Misschien word ik langzaam beter in winkelen.
maandag 28 september 2009
Over Wie is de mol en wie ik ben
Er zijn bepaalde dingen waar ik bijzonder veel waarde aan hecht. Dat is niet Wie is de mol, omdat ik heel goed weet dat dat ook maar een spelletje is. Maar ik hecht wel veel waarde aan de spanning, de paranoia en de contra-intuïtieve denkwijze die bij een spel als Wie is mol hoort. Ik vind dat soort dingen gewoon mooi en ergens geloof ik dat iedereen daar de waarde van zou moeten kunnen inzien als ze ermee in aanraking komen.
De laatste tijd ben ik steeds vaker in omgevingen waar mensen weinig van mijn belevingswereld delen. Het is in zulke omstandigheden moeilijk een band op te bouwen. Ik probeer daarom mezelf te presenteren en te laten zien waar ik in geloof. Ik hoop dan dat zij daar de waarde van inzien en dat ze vervolgens ook iets van zichzelf laten zien.
Zo heb ik dus ook Wie is de mol voor collega’s opgezet. Mijn vertrouwde medeorganisatie kon het desbetreffende weekend niet. Ik moest daarom het leeuwendeel alleen doen. Hier en daar heb ik nog wat steun gevonden van mensen die wilden meehelpen (waarvoor heel veel dank), maar het was een hels karwei om al die mensen te vinden. Ik heb gevochten, gestreden, gezwoegd om er iets moois van te maken.
Ik vroeg er weinig voor terug. Ik zocht alleen de wil om mee te doen, het hele weekend beschikbaar te zijn, een opgaveformulier in te vullen en als ze eruit vlogen: tot de ontknoping geheim te houden wie ze verdacht hadden. Dat was voor veel mensen blijkbaar moeilijk: op alle punten is tekortgeschoten. Mijn taak als organisatie werd daar zo onmogelijk door gemaakt dat ik vorige week meerdere malen op het punt heb gestaan om het hele weekend af te lasten.
Nu is het weekend geweest en de kandidaten vonden het allemaal heel leuk. Maar ik heb niet het gevoel dat ik iets heb bereikt. Ik denk niet dat ik beter begrepen word of dat mensen zich op lange termijn ook maar iets van het weekend zal bijblijven. En omdat ik door het matige enthousiasme van mijn omgeving al niet zo heel erg gemotiveerd was, is het niet zo mooi geworden als ik graag gewild had en zeker van een minder niveau dan voorgaande edities. Mijn poging om de wereld om mij heen meer in overeenstemming te brengen van wat ik mooi vind, heeft niet het effect gehad waar ik op hoopte.
Dat gevoel heb ik de laatste tijd vaker. Ik voel me soms als een roepende in de woestijn. Af en toe is er een lichtpuntje, een klein stukje zielverwantschap. Zo waardeer ikde inzet van sommige kandidaten, om maar specifiek wat mensen te bedanken bijvoorbeeld Nick en Richard. Ik waardeer ook de enthousiaste hulp van bijvoorbeeld Joost en Robert. Maar al met al voelen zij als slechts lichtpuntjes in een zee van duisternis.
Ik ben tot de conclusie gekomen dat ik een soort idealist ben: ik probeer de wereld te veranderen naar wat ik denk dat beter en mooier is. Maar de wereld laat zich niet zo gemakkelijk veranderen. Ik merk dat niet alleen hier, maar ook in mijn pogingen om een thuisgevoel in Rotterdam te ontwikkelen en zeker ook in mijn vorige relatie. Ik loop de laatste tijd vaak tegen mijn eigen beperkingen op, zeker als het gaat om de grootse plannen. Steevast heb ik het gevoel dat ik alles van enig belang helemaal alleen moet doen. Dan kun je denken dat ik te veeleisend ben, maar ik weiger me neer te leggen bij de wereld zoals die nou eenmaal is.
Wat is dan het antwoord? Ik wou dat ik het wist. Uiteindelijk kan ik toch niet veel anders dan handelen naar wie ik ben en waar ik in geloof. Ik wil geen water bij de wijn doen als het om dingen gaat waar ik fundamenteel in geloof. Ik wil daarvoor strijden en voor het overige kan alleen maar durven hopen dat het allemaal goed komt. En linksom of rechtsom komt het uiteindelijk ook allemaal wel goed. Als ik met wat meer afstand terugkijk, durf ik dat ik te hopen dat ik wel enig verschil maak, al is het maar een beetje. Het zou alleen fijn zijn als de wereld iets meer meewerkte.
De laatste tijd ben ik steeds vaker in omgevingen waar mensen weinig van mijn belevingswereld delen. Het is in zulke omstandigheden moeilijk een band op te bouwen. Ik probeer daarom mezelf te presenteren en te laten zien waar ik in geloof. Ik hoop dan dat zij daar de waarde van inzien en dat ze vervolgens ook iets van zichzelf laten zien.
Zo heb ik dus ook Wie is de mol voor collega’s opgezet. Mijn vertrouwde medeorganisatie kon het desbetreffende weekend niet. Ik moest daarom het leeuwendeel alleen doen. Hier en daar heb ik nog wat steun gevonden van mensen die wilden meehelpen (waarvoor heel veel dank), maar het was een hels karwei om al die mensen te vinden. Ik heb gevochten, gestreden, gezwoegd om er iets moois van te maken.
Ik vroeg er weinig voor terug. Ik zocht alleen de wil om mee te doen, het hele weekend beschikbaar te zijn, een opgaveformulier in te vullen en als ze eruit vlogen: tot de ontknoping geheim te houden wie ze verdacht hadden. Dat was voor veel mensen blijkbaar moeilijk: op alle punten is tekortgeschoten. Mijn taak als organisatie werd daar zo onmogelijk door gemaakt dat ik vorige week meerdere malen op het punt heb gestaan om het hele weekend af te lasten.
Nu is het weekend geweest en de kandidaten vonden het allemaal heel leuk. Maar ik heb niet het gevoel dat ik iets heb bereikt. Ik denk niet dat ik beter begrepen word of dat mensen zich op lange termijn ook maar iets van het weekend zal bijblijven. En omdat ik door het matige enthousiasme van mijn omgeving al niet zo heel erg gemotiveerd was, is het niet zo mooi geworden als ik graag gewild had en zeker van een minder niveau dan voorgaande edities. Mijn poging om de wereld om mij heen meer in overeenstemming te brengen van wat ik mooi vind, heeft niet het effect gehad waar ik op hoopte.
Dat gevoel heb ik de laatste tijd vaker. Ik voel me soms als een roepende in de woestijn. Af en toe is er een lichtpuntje, een klein stukje zielverwantschap. Zo waardeer ikde inzet van sommige kandidaten, om maar specifiek wat mensen te bedanken bijvoorbeeld Nick en Richard. Ik waardeer ook de enthousiaste hulp van bijvoorbeeld Joost en Robert. Maar al met al voelen zij als slechts lichtpuntjes in een zee van duisternis.
Ik ben tot de conclusie gekomen dat ik een soort idealist ben: ik probeer de wereld te veranderen naar wat ik denk dat beter en mooier is. Maar de wereld laat zich niet zo gemakkelijk veranderen. Ik merk dat niet alleen hier, maar ook in mijn pogingen om een thuisgevoel in Rotterdam te ontwikkelen en zeker ook in mijn vorige relatie. Ik loop de laatste tijd vaak tegen mijn eigen beperkingen op, zeker als het gaat om de grootse plannen. Steevast heb ik het gevoel dat ik alles van enig belang helemaal alleen moet doen. Dan kun je denken dat ik te veeleisend ben, maar ik weiger me neer te leggen bij de wereld zoals die nou eenmaal is.
Wat is dan het antwoord? Ik wou dat ik het wist. Uiteindelijk kan ik toch niet veel anders dan handelen naar wie ik ben en waar ik in geloof. Ik wil geen water bij de wijn doen als het om dingen gaat waar ik fundamenteel in geloof. Ik wil daarvoor strijden en voor het overige kan alleen maar durven hopen dat het allemaal goed komt. En linksom of rechtsom komt het uiteindelijk ook allemaal wel goed. Als ik met wat meer afstand terugkijk, durf ik dat ik te hopen dat ik wel enig verschil maak, al is het maar een beetje. Het zou alleen fijn zijn als de wereld iets meer meewerkte.
zaterdag 12 september 2009
Film en een goede fles wijn bij kaarslicht
Ik woon al een paar maanden in Utrecht en gisteren was het eindelijk tijd voor mijn house warming. Uiteraard was er weer een fikse opkomst en valt alles wat is voorgevallen weer met geen pen te beschrijven. Er waren cocktails, geheime programmapunten en natuurlijk kado'tjes.
Zo kreeg ik van mijn goede vrienden Meilof, Arend, Marchien en Stefan een prachtkado (Stefan was niet fysiek aanwezig, want hij zit in Zweden, maar het was toch ook zijn kado). Het was een pakket met kaarsjes, een schaal om de kaarsjes op te zetten, 2 gegraveerde wijnglazen, de film 'The English Patient' en een goede fles rode wijn. Het achterliggende idee was dat ik deze voorwerpen nodig zou hebben als ik een keer een ontzettend leuk meisje over de vloer zou krijgen.
Het is al tijden het stellige voornemen van in ieder geval Marchien en Stefan om mij aan de vriendin te krijgen. Ik ben het zelf overigens vurig met dit voornemen eens, maar alleen de wil om een vriendin te krijgen is niet voldoende. Daarom hadden zij een tijd geleden bedacht dat we 'Pride & Prejudice' moesten gaan kijken, zodat ik een betere feeling zou krijgen voor wat vrouwen bezighield. Of het echt werkte, weet ik niet, maar een week nadat we de eerste helft van de miniserie hadden gezien, sprak ik voor het eerst af met wat uiteindelijk mijn vriendin is geworden.
Het duurde een half jaar voordat wij in staat waren de tweede helft af te kijken en de relatie was inmiddels al stuk. Ook dit keer had ik binnen een week succes, zij het minder langdurig. De tweede dosis heeft altijd een minder sterke werking.
Vanuit deze achtergrond kreeg ik al grootse verwachtingen bij het kado. Ja, ik moest binnenkort maar weer eens een heel leuk nieuw meisje ontmoeten en daar iets mee zien te krijgen. Zulke zaken heb je natuurlijk niet volledig in de hand, maar ik kan wel hopen.
Ik nam mij voor om de fles wijn, de glazen, de kaarsjes, de film en de schaal te bewaren voor een speciale aangelegenheid. Immers: alleen de eerste keer heeft het pakket werking, daarna gaat zij verloren, omdat er niets bijzonders meer aan is. Ik zou er dus goed aan doen het kado voor het juiste moment te bewaren.
Maar toen ik vanochtend mijn beide kamers opruimde, zag ik dat één van de wijnglazen gesneuveld was, doordat ik er achteloos een anders kado bovenop had gegooid. De werking waar ik me dus zo op had verheugd, zou dus niet meer ten volle uit kunnen komen. Het heeft iets symbolisch. Mijn kansen op succes in de liefde gaan ten onder doordat ik niet doe wat ik mij heb voorgenomen en doordat ik niet kan koesteren wat écht waardevol is. Ik ga ten onder aan mijn eigen roekeloosheid.
En toch: nadat de scherven zijn opgeruimd, kijk ik naar wat er overblijf. Eén gegraveerd wijnglas, een goede film, een goede fles wijn en een stel mooie kaarsjes. Daar komen we ongetwijfeld een heel eind mee.
Zo kreeg ik van mijn goede vrienden Meilof, Arend, Marchien en Stefan een prachtkado (Stefan was niet fysiek aanwezig, want hij zit in Zweden, maar het was toch ook zijn kado). Het was een pakket met kaarsjes, een schaal om de kaarsjes op te zetten, 2 gegraveerde wijnglazen, de film 'The English Patient' en een goede fles rode wijn. Het achterliggende idee was dat ik deze voorwerpen nodig zou hebben als ik een keer een ontzettend leuk meisje over de vloer zou krijgen.
Het is al tijden het stellige voornemen van in ieder geval Marchien en Stefan om mij aan de vriendin te krijgen. Ik ben het zelf overigens vurig met dit voornemen eens, maar alleen de wil om een vriendin te krijgen is niet voldoende. Daarom hadden zij een tijd geleden bedacht dat we 'Pride & Prejudice' moesten gaan kijken, zodat ik een betere feeling zou krijgen voor wat vrouwen bezighield. Of het echt werkte, weet ik niet, maar een week nadat we de eerste helft van de miniserie hadden gezien, sprak ik voor het eerst af met wat uiteindelijk mijn vriendin is geworden.
Het duurde een half jaar voordat wij in staat waren de tweede helft af te kijken en de relatie was inmiddels al stuk. Ook dit keer had ik binnen een week succes, zij het minder langdurig. De tweede dosis heeft altijd een minder sterke werking.
Vanuit deze achtergrond kreeg ik al grootse verwachtingen bij het kado. Ja, ik moest binnenkort maar weer eens een heel leuk nieuw meisje ontmoeten en daar iets mee zien te krijgen. Zulke zaken heb je natuurlijk niet volledig in de hand, maar ik kan wel hopen.
Ik nam mij voor om de fles wijn, de glazen, de kaarsjes, de film en de schaal te bewaren voor een speciale aangelegenheid. Immers: alleen de eerste keer heeft het pakket werking, daarna gaat zij verloren, omdat er niets bijzonders meer aan is. Ik zou er dus goed aan doen het kado voor het juiste moment te bewaren.
Maar toen ik vanochtend mijn beide kamers opruimde, zag ik dat één van de wijnglazen gesneuveld was, doordat ik er achteloos een anders kado bovenop had gegooid. De werking waar ik me dus zo op had verheugd, zou dus niet meer ten volle uit kunnen komen. Het heeft iets symbolisch. Mijn kansen op succes in de liefde gaan ten onder doordat ik niet doe wat ik mij heb voorgenomen en doordat ik niet kan koesteren wat écht waardevol is. Ik ga ten onder aan mijn eigen roekeloosheid.
En toch: nadat de scherven zijn opgeruimd, kijk ik naar wat er overblijf. Eén gegraveerd wijnglas, een goede film, een goede fles wijn en een stel mooie kaarsjes. Daar komen we ongetwijfeld een heel eind mee.
zondag 6 september 2009
Zelfspot met porno
Een tijdje geleden had ik een vriend over de vloer die was blijven slapen. Op een gegeven moment wilde hij iets op de computer opzoeken en dus bewoog hij zich naar mijn computer. Ik wist niet wat hij ging doen en dus werd ik uit een soort eigenaarsinstinct onrustig. (Als andere mensen aan je spullen gaan zitten, kunnen zomaar per ongeluk instellingen veranderen en dat is natuurlijk niet de bedoeling.) Dus ik stelde de vraag: 'Wat ga je doen? Ga je kijken waar ik al mijn porno bewaar?' De opmerking was misschien ietwat gewaagd, maar gelukkig viel hij goed.
Achteraf dacht ik wel: Waarom doe ik dit? Ik impliceer dat er allerlei porno op mijn computer staat, terwijl dat eigenlijk helemaal niet zo is. (Ik ben een heel nette jongen en ik vind porno oprecht maar matig interessant. Als consument dan, als verschijnsel vind ik het fascinerend.) Ik haal mijzelf dus door het slijk en schep allerlei beelden van mij die helemaal niet waar zijn. Ik vraag me dan wel af waarom ik eigenlijk nog verwacht dat mensen een genuanceerd beeld over mij zouden ontwikkelen, als ik zelf regelmatig onwaarheden de wereld in help.
Ik doe dit regelmatig en het past ook precies in de frivole manier van omgaan met elkaar die ik in Groningen heb leren kennen. Maar ik kom steeds vaker in kringen waar zelfspot minder wijd verbreid is en de hele notie dat je negatieve onwaarheden over jezelf zal zeggen is daar moeilijk over te brengen. Het risico op vertekening is daar natuurlijk vele malen groter. Ik moet dus eigenlijk op mijn tellen passen en mezelf onder controle houden.
Dat is lastig te verenigen met dat ik graag wil dat er iets gebeurt, hoe uitzonderlijker hoe beter. Aan het begin van een avond, wanneer ik me net een tikkeltje verveel, zeg ik ook vaak 'ik wil dat er nu iets uitzonderlijks gebeurt'. Wat dat precies is, maakt niet veel uit, als het verwachtingspatroon maar doorbroken wordt en de saaiheid wordt verdreven.
Als je jezelf moet bezig gaan houden met je eigen imago, terwijl je aan het uitgaan bent, kunnen beide projecten elkaar bijten. Je leert mensen net kennen, dus je wilt niet te negatieve beelden over jezelf scheppen. Aan de andere kant is de behoefte voor uitzonderlijke gebeurtenissen nooit groter dan tijdens het uitgaan en dat maakt het waarschijnlijker dat ik baldadig de situatie onder druk zet met ongecontroleerde willekeurige opmerkingen. Veel vrienden van mij kunnen prima nieuwe mensen tijdens het uitgaan ontmoeten, terwijl ik denk dat het voor mij een beetje lastiger ligt. Ik zeg eigenlijk altijd wel snel iets waar mensen zich potentieel door beledigd zouden kunnen voelen. Maar als ik zo veelvuldig met mezelf spot, moeten ze ook maar doorhebben dat aan deze potentiële beledigingen niet te zwaar moeten tillen.
Achteraf dacht ik wel: Waarom doe ik dit? Ik impliceer dat er allerlei porno op mijn computer staat, terwijl dat eigenlijk helemaal niet zo is. (Ik ben een heel nette jongen en ik vind porno oprecht maar matig interessant. Als consument dan, als verschijnsel vind ik het fascinerend.) Ik haal mijzelf dus door het slijk en schep allerlei beelden van mij die helemaal niet waar zijn. Ik vraag me dan wel af waarom ik eigenlijk nog verwacht dat mensen een genuanceerd beeld over mij zouden ontwikkelen, als ik zelf regelmatig onwaarheden de wereld in help.
Ik doe dit regelmatig en het past ook precies in de frivole manier van omgaan met elkaar die ik in Groningen heb leren kennen. Maar ik kom steeds vaker in kringen waar zelfspot minder wijd verbreid is en de hele notie dat je negatieve onwaarheden over jezelf zal zeggen is daar moeilijk over te brengen. Het risico op vertekening is daar natuurlijk vele malen groter. Ik moet dus eigenlijk op mijn tellen passen en mezelf onder controle houden.
Dat is lastig te verenigen met dat ik graag wil dat er iets gebeurt, hoe uitzonderlijker hoe beter. Aan het begin van een avond, wanneer ik me net een tikkeltje verveel, zeg ik ook vaak 'ik wil dat er nu iets uitzonderlijks gebeurt'. Wat dat precies is, maakt niet veel uit, als het verwachtingspatroon maar doorbroken wordt en de saaiheid wordt verdreven.
Als je jezelf moet bezig gaan houden met je eigen imago, terwijl je aan het uitgaan bent, kunnen beide projecten elkaar bijten. Je leert mensen net kennen, dus je wilt niet te negatieve beelden over jezelf scheppen. Aan de andere kant is de behoefte voor uitzonderlijke gebeurtenissen nooit groter dan tijdens het uitgaan en dat maakt het waarschijnlijker dat ik baldadig de situatie onder druk zet met ongecontroleerde willekeurige opmerkingen. Veel vrienden van mij kunnen prima nieuwe mensen tijdens het uitgaan ontmoeten, terwijl ik denk dat het voor mij een beetje lastiger ligt. Ik zeg eigenlijk altijd wel snel iets waar mensen zich potentieel door beledigd zouden kunnen voelen. Maar als ik zo veelvuldig met mezelf spot, moeten ze ook maar doorhebben dat aan deze potentiële beledigingen niet te zwaar moeten tillen.
woensdag 2 september 2009
Op de radio
Als ik terugkijk op mijn liefdesverleden, zie ik een veelvoud aan mislukte pogingen en slechts een enkele succes story. En zelfs de succes stories waren geen doorslaande successen, want anders was ik per slot van rekening niet single meer. De enige verhalen waar ik geen wrang gevoel aan over heb gehouden zijn verhalen die mij volkomen apathisch laten en dat zijn verhalen waar ik nog minder binding mee heb dan al die 'doffe ellende' van de andere geschiedenissen.
Ik ben blij dat ik ze heb meegemaakt. Ik had er niet aan moeten denken dat ik al die ervaringen had moeten missen, dan was ik nu ongetwijfeld veel naïever geweest en het had bovendien niet erg getuigd van daadkracht. Sommige van de teleurstellingen van het verleden kan ik mijzelf aanrekenen, maar minstens net zo vaak was het mij ook wel heel erg moeilijk gemaakt door de omstandigheden. Het enige wat je kunt doen, is blijven proberen en hopen dat de omstandigheden ooit zo zullen zijn dat alles goed valt. Maar het blijft lang een kwestie van wensen, hopen, denken, plannen en dromen en dan komt er een moment dat je haar moet vasthouden, zoenen en laten zien dat je om haar geeft.
Ik weet dat het geen enkele zin heeft hier cynisch onder te worden. Het vereist een sterke man, maar ik moet vertrouwen hebben. Het mag misschien ordinair zijn dat ik steun put uit popmuziek, maar als het werkt, is het waar. Zo hoor ik op de radio:
This is how it works
You peer inside yourself
You take the things you like
And try to love the things you took
And then you take the love you made
And stick it into some
Someone else's heart
Pumping someone else's blood
Walking arm in arm
You're hoping it don't get hard
But even if it does
You just do it all again
Ik ben blij dat ik ze heb meegemaakt. Ik had er niet aan moeten denken dat ik al die ervaringen had moeten missen, dan was ik nu ongetwijfeld veel naïever geweest en het had bovendien niet erg getuigd van daadkracht. Sommige van de teleurstellingen van het verleden kan ik mijzelf aanrekenen, maar minstens net zo vaak was het mij ook wel heel erg moeilijk gemaakt door de omstandigheden. Het enige wat je kunt doen, is blijven proberen en hopen dat de omstandigheden ooit zo zullen zijn dat alles goed valt. Maar het blijft lang een kwestie van wensen, hopen, denken, plannen en dromen en dan komt er een moment dat je haar moet vasthouden, zoenen en laten zien dat je om haar geeft.
Ik weet dat het geen enkele zin heeft hier cynisch onder te worden. Het vereist een sterke man, maar ik moet vertrouwen hebben. Het mag misschien ordinair zijn dat ik steun put uit popmuziek, maar als het werkt, is het waar. Zo hoor ik op de radio:
This is how it works
You peer inside yourself
You take the things you like
And try to love the things you took
And then you take the love you made
And stick it into some
Someone else's heart
Pumping someone else's blood
Walking arm in arm
You're hoping it don't get hard
But even if it does
You just do it all again
donderdag 27 augustus 2009
Een milde spijt
Ik neem mezelf voortdurend voor om eerlijk en openhartig te zijn. Vertrouwensbanden ontstaan immers pas als je iets met elkaar kunt delen en inzicht verschaft in wat jou eigenlijk écht bezig houdt. Maar over bepaalde dingen is het toch wat moeilijker om eerlijk over te zijn, juist omdat ze zo dichtbij jezelf staan en al helemaal als ze de ander ook betreffen.
Nu is de waarheid over iemand zelden alleen maar positief. En de keiharde eerlijke mening over iemand is niet iets waar mensen doorgaans goed tegen kunnen. Ik zou zo graag daarboven verheven willen zijn, maar ook ik kan de waarheid hoe andere mensen over mij denken niet perfect verdragen. Toen ik net in de KG van Cleo zat, was er veel kritiek op de keuze van mijn functie. Door de rare situatie in dat jaar, had ik mezelf immers tot hoofd tappers benoemd zonder dat een 'deskundige commissie' daarover haar oordeel had geveld. Die kritiek gonsde overal rond en op een goede avond vroeg ik iemand om zijn deskundige en volledig eerlijke mening. Ik zei er nog bij dat hij vooral eerlijk moest zijn, omdat ik er wel tegen zou kunnen. Ik had het verkeerd. Ik hoorde de dingen waarvan ik eigenlijk wel wist dat ze over mij gedacht werden, maar die ik toch minder goed trok als ze rechtstreeks tegen mij werden gezegd. Ik heb me er toch wel één, twee dagen kut over gevoeld en toen ben ik uiteindelijk toch door vrienden uit het dal gesleept. Ik weet dat ik inmiddels wel tegen de harde waarheid kan, maar toch sterft er iedere keer een klein stukje van je af, als je die tegenkomt.
Maar zelfs als de waarheid in algemeenheid positief is, durf ik hem niet goed uit te spreken. Het is altijd een kwestie van de juiste nuance weten te vinden. Een te overdadig prijzen richting een vriendin kan al snel als romantische interesse worden opgevat. Een te overdadig prijzen naar een romantische interesse kan iemand afschrikken. Ik neem mezelf vaak voor om hierdoor niet te laten weerhouden en te proberen, ondanks dat het moeilijk is, mensen de erkenning te geven die ze verdienen.
Juist als je een meisje begint leuk te vinden, is dat lastig. Ik wil namelijk openhartig en eerlijk zijn en geen gevoelens opbiechten waarvan ik later moet constateren dat ik ze helemaal niet had. En voor een door de wol geverfde scepticus als ik, is dat moeilijk te bereiken. Het gevolg is dat ik vaak toch het lef niet heb en helemaal niets zeg. Dan lijk ik een tikkeltje afstandelijk en onemotioneel, eigenlijk alle eigenschappen die typisch aan mannen gevonden worden, maar dat beeld, dat ben ik helemaal niet. Het is niet uit gevoelloosheid dat ik zwijg, maar uit angst van de consequenties van mijn handelen. Ik wil geen verwachtingen scheppen die ik niet kan waarmaken en ik weet niet wat ik kan waarmaken.
Maar zulke scepsis heeft ook zijn voordelen. Pakweg anderhalve maand geleden had ik met iemand afgesproken en was het reuzegezellig. Door vakantie-omstandigheden konden wij elkaar een tijd niet zien en bij het weerzien klikte het totaal niet. Achteraf gelukkig maar dat ik niet te veel verwachtingen geschapen heb. De enige spijt die ik erover kan hebben dat ik dit misschien eerder had moeten voorzien en er helemaal niet aan had moeten beginnen. Maar dat is gelukkig maar een milde spijt.
Nu is de waarheid over iemand zelden alleen maar positief. En de keiharde eerlijke mening over iemand is niet iets waar mensen doorgaans goed tegen kunnen. Ik zou zo graag daarboven verheven willen zijn, maar ook ik kan de waarheid hoe andere mensen over mij denken niet perfect verdragen. Toen ik net in de KG van Cleo zat, was er veel kritiek op de keuze van mijn functie. Door de rare situatie in dat jaar, had ik mezelf immers tot hoofd tappers benoemd zonder dat een 'deskundige commissie' daarover haar oordeel had geveld. Die kritiek gonsde overal rond en op een goede avond vroeg ik iemand om zijn deskundige en volledig eerlijke mening. Ik zei er nog bij dat hij vooral eerlijk moest zijn, omdat ik er wel tegen zou kunnen. Ik had het verkeerd. Ik hoorde de dingen waarvan ik eigenlijk wel wist dat ze over mij gedacht werden, maar die ik toch minder goed trok als ze rechtstreeks tegen mij werden gezegd. Ik heb me er toch wel één, twee dagen kut over gevoeld en toen ben ik uiteindelijk toch door vrienden uit het dal gesleept. Ik weet dat ik inmiddels wel tegen de harde waarheid kan, maar toch sterft er iedere keer een klein stukje van je af, als je die tegenkomt.
Maar zelfs als de waarheid in algemeenheid positief is, durf ik hem niet goed uit te spreken. Het is altijd een kwestie van de juiste nuance weten te vinden. Een te overdadig prijzen richting een vriendin kan al snel als romantische interesse worden opgevat. Een te overdadig prijzen naar een romantische interesse kan iemand afschrikken. Ik neem mezelf vaak voor om hierdoor niet te laten weerhouden en te proberen, ondanks dat het moeilijk is, mensen de erkenning te geven die ze verdienen.
Juist als je een meisje begint leuk te vinden, is dat lastig. Ik wil namelijk openhartig en eerlijk zijn en geen gevoelens opbiechten waarvan ik later moet constateren dat ik ze helemaal niet had. En voor een door de wol geverfde scepticus als ik, is dat moeilijk te bereiken. Het gevolg is dat ik vaak toch het lef niet heb en helemaal niets zeg. Dan lijk ik een tikkeltje afstandelijk en onemotioneel, eigenlijk alle eigenschappen die typisch aan mannen gevonden worden, maar dat beeld, dat ben ik helemaal niet. Het is niet uit gevoelloosheid dat ik zwijg, maar uit angst van de consequenties van mijn handelen. Ik wil geen verwachtingen scheppen die ik niet kan waarmaken en ik weet niet wat ik kan waarmaken.
Maar zulke scepsis heeft ook zijn voordelen. Pakweg anderhalve maand geleden had ik met iemand afgesproken en was het reuzegezellig. Door vakantie-omstandigheden konden wij elkaar een tijd niet zien en bij het weerzien klikte het totaal niet. Achteraf gelukkig maar dat ik niet te veel verwachtingen geschapen heb. De enige spijt die ik erover kan hebben dat ik dit misschien eerder had moeten voorzien en er helemaal niet aan had moeten beginnen. Maar dat is gelukkig maar een milde spijt.
Abonneren op:
Posts (Atom)